pexels-daniel-andraski-197681005-13275526

Zelf een auto importeren uit Duitsland: stappenplan

Zelf een auto importeren uit Duitsland lijkt eenvoudig: je zoekt een goede auto, haalt hem op en je bent klaar. In de praktijk zit het voordeel juist in de details, zoals de juiste papieren, een realistische inschatting van de BPM en het voorkomen van verborgen schade of een ontbrekende onderhoudshistorie. Wie het zelf wil doen, kan vaak besparen en houdt de regie in eigen hand, zolang je het proces strak doorloopt en weet waar de grootste risico’s zitten.

Een auto vinden en vooraf controleren: hier win je (of verlies je) geld

Begin met het scherp krijgen van je doel. Wil je vooral een lagere kilometerstand, meer opties of een jongere auto binnen hetzelfde budget? Controleer daarna of de aanbieder betrouwbaar is en vraag om een compleet voertuigprofiel, met onderhoudsfacturen, TÜV-rapporten, informatie over het schadeverleden en het CoC (Certificate of Conformity). Met een CoC verloopt de RDW-registratie meestal een stuk soepeler; zonder dit document kan het traject omslachtiger worden. Let ook op zogeheten exportprijzen, want die zijn soms exclusief Duitse btw. Dat kan bij particuliere import anders uitpakken dan bij een zakelijke aankoop. Als je twijfelt tussen meerdere auto’s, kan het helpen om het importaanbod te bekijken en te vergelijken hoe uitvoeringen en prijzen zich in de markt bewegen.

Kopen, betalen en meenemen: exportplaten, verzekering en documenten

Bij de aankoop draait alles om aantoonbaarheid. Zorg daarom voor een duidelijke Kaufvertrag (koopcontract) met het VIN- of chassisnummer, de kilometerstand, de datum en de verkoopprijs. Neem ook de Duitse kentekenpapieren mee (Zulassungsbescheinigung Teil I en II) en vraag, als die beschikbaar is, om een geldige HU/AU (TÜV). Voor de rit naar Nederland heb je exportkentekenplaten nodig, zoals Kurzzeit- of Ausfuhrkennzeichen, en een bijbehorende verzekering. Zonder verzekering kun je bij een controle direct niet verder. Betalen gebeurt vaak via een bankoverschrijving; contant betalen kan, maar leidt sneller tot discussie over herkomst en betalingsbewijs. Maak bij de overdracht foto’s van de auto en van de documenten, zodat je later kunt aantonen in welke staat je de auto hebt meegenomen.

In Nederland: RDW, BPM, belasting en kenteken op naam

Na aankomst in Nederland volgt de RDW-keuring voor de registratie. Als de auto een EU-typegoedkeuring heeft en je beschikt over het CoC, verloopt dit doorgaans vlotter. Zonder CoC kan de RDW extra onderzoek doen. Daarna komt de BPM-aangifte. Juist op dit punt gaat het bij het zelf importeren van een auto uit Duitsland vaak mis, omdat een te lage inschatting kan leiden tot een naheffing en extra gedoe. De hoogte van de BPM hangt onder meer af van de CO₂-uitstoot, de leeftijd en de afschrijving. Schade kan invloed hebben op de afschrijving, maar dan moet die wel aantoonbaar zijn met een deugdelijke rapportage. Na betaling ontvang je het Nederlandse kenteken en kun je de auto verzekeren en de motorrijtuigenbelasting regelen. Houd daarnaast rekening met kosten voor kentekenplaten, de keuring, transport en eventuele aanpassingen, zoals verlichting, zodat het totaalplaatje klopt.

Zelf een auto importeren uit Duitsland loont vooral wanneer je vooraf streng controleert, je documenten op orde hebt en de BPM realistisch benadert. Neem de tijd voor een goede voorbereiding, want dat is meestal de goedkoopste manier om vervelende verrassingen achteraf te voorkomen.

Lees ook